info

Josef Halevi 1923-2009

Joseph Halevi was born in Israël in 1923. His parents came from Jemen. He was raised in Tel Aviv, where he studied at the Art Teacher’s Institute and developed skills in painting and sculpture. After 40 years of living in Tel Aviv, he travelled to Paris, New York, Sao Paolo, London and finally settled in Amsterdam in 1974, where he lived for 30 years. At the end of his life that fully had been dedicated to art, he was brought back to Tel Aviv, where he died in 2009
Though his lengthy stay in the western world has influenced his works of art, his style of work has been determined by his eastern heritage: ‘My colours are the colours of the desert’, he said in 1992.

Every day, Joseph Halevi worked in his studio, until he was 80. This work was a necessity he used to compare to visiting a therapist:
’It’s like a psychological session, it has a therapeutic meaning for me. In this way I can get rid of my thoughts and aggression. Regarding my future, I’d like to continue painting for a long, long time; I’m like a well, always filled with plenty of water.’

When Joseph already had left Israel for years – dr. Gideon Ofrat, the specialist in Israeli art, called Halevi a specific Israeli painter: ‘one of the most Israeli painters’. Halevi uses earth colours and archetypes in form-language with which he creates a kind of mythical figuration that is associating with Jewish culture. The mystical element in Halevi’s paintings and objects is nourished by his interest in and inspiration of Jewish sources and history, like he said:
’My inspiration sources derive from Judaism, Israel and Jemen, where my parents come from.’
However, he noticed that Jews in Europe weren’t specificly interested in his works of art: ‘I always found it strange that here (in The Netherlands), compared to Israel, not many Jews showed an interest in my work, while at the same time non-Jews often find my work ‘too Jewish’ and difficult to understand.’

Halevi’s inspiration comes from the mountains around Jerusalem, where he made his early paintings. He deeply felt connected to the ancient history of the surroundings. For ages, three times a year, pilgrims travelled through the valleys and mountains on their way to the Jerusalem Tempel. On foot, or riding on their donkeys, while talking, singing, eating and resting. In the mountains, in this imperturbable quietness, Halevi got convinced the mountains had seen and heard the pilgrims and that they contain a gigantic ‘photo album’ of marks in their stones. He intended to withdraw those old marks and impressions from the mountains, and said:

‘I still do this work, daily. It brings me closer to the essence of life, my religion, that is. Without stopping, I put my thoughts on the canvas. From my spirit and out of my arms colours are travelling to the canvas. They get connected and free themselves again. I put all my spiritual and physical energy in this process, I’m suffering. My satisfaction lies in this one second in which I experience truth, the secret of life. Nothing else can make me happier.’

Dutch

Josef Halevi 1923-2009

Joseph Halevi is geboren in 1923 in Israël. Zijn ouders waren afkomstig uit Jemen. Hij groeide op in Tel Aviv, volgde een opleiding aan het Art Teacher’s Institute en bekwaamde zich in schilder- en beeldhouwkunst. Op zijn veertigste, in 1963 vertrok hij naar Parijs, New York, Sao Paolo en Londen om uiteindelijk in 1974 neer te strijken in Amsterdam, waar hij 30 jaar verbleef. Aan het eind van zijn leven, dat volledig gewijd was aan zijn kunst, werd hij overgebracht naar Tel Aviv waar hij in 2009 stierf.
Hoewel zijn lange verblijf in de westerse wereld zijn kunst heeft beïnvloed, is zijn oosterse afkomst bepalend voor zijn werkstijl: ‘Mijn kleuren zijn de kleuren van de woestijn’, zei hij in 1992.

Elke dag werkte Joseph Halevi in zijn atelier. Dit werk was noodzaak voor hem, vergelijkbaar met het bezoek aan een therapeut:
“Het is voor mij een bezoek aan de psycholoog, het heeft een therapeutische werking, ik kan er al mijn gedachten en agressie in kwijt.
En wat mijn toekomst aangaat, wil ik nog héél lang blijven schilderen: ik ben als een bron, altijd gevuld met veel water.’

Nadat Joseph Israël al jaren had verlaten noemde dr. Gideon Ofrat – de specialist in Israëlische kunst – hem een specifiek Israëlisch schilder: ‘één van de meest Israëlisch schilders’. Halevi gebruikt aardse kleuren en archetypen in vorm-taal, waarmee hij een mythische figuratie creëert die associaties oproept met de joodse cultuur. Het mystieke element in Halevi’s schilderijen en objecten wordt gevoed door zijn voorliefde voor joodse bronnen en geschiedenis, zoals hij zei:
’Mijn inspiratiebron blijft het jodendom, Israël en Jemen, waar mijn ouders vandaan komen.’ Niettemin merkte hij op dat joodse Europeanen niet specifiek in zijn kunst geïnteresseerd waren: ‘Ik heb het altijd vreemd gevonden dat hier (in Nederland), in vergelijking met Israël, minder joden interesse in mijn werk toonden, terwijl niet-joden het werk juist meestal te joods vinden en er moeite mee hebben het te begrijpen.’

Halevi’s inspiratie ontstond in de bergen rond Jeruzalem, waar hij in de jaren vijftig zijn eerste schilderijen maakte. Hij voelde zich diep verbonden met de oude geschiedenis van deze omgeving. Eeuwenlang, drie keer per jaar, trokken hier grote groepen pelgrims door dalen en bergen naar de Tempel in Jeruzalem. Lopend, of rijdend op ezels, pratend, zingend, etend en rustend. In de onverstoorbare rust van de bergen raakte Halevi ervan overtuigd dat de bergen de pelgrims hadden gezien en gehoord en dat zij een enorm ‘fotoalbum’ in hun stenen bewaren. Hij wilde de oude sporen en indrukken aan de bergen onttrekken en zei: ‘Dit doe ik nog dagelijks. Het brengt mij dichter bij de essentie van het leven, ofwel mijn religie.
Zonder onderbreking zet ik mijn gedachten op het doek. Vanuit mijn geest en door mijn armen reizen de kleuren naar het doek. Ze verbinden zich en maken zich weer los. Dit vergt veel van mijn energie, zowel geestelijk als fysiek, ik lijd. Mijn bevrediging is die ene seconde waarin ik de waarheid ervaar, het geheim van het leven. Niets maakt me gelukkiger.’